NIEUWS

EU in twijfel over openheid Handels- en UBO-register vanwege gemis inkomsten van o.a. Nederland


Vorige maand liet de Europese Commissie weten terug te komen op de belofte om lidstaten te verplichten Handels- en UBO-registers open te stellen, omdat een aantal landen – Duitsland, Italië en Nederland – inkomsten zou kunnen mislopen door de verkoop van deze gegevens. Van invloed op deze beslissing is de effectenbeoordeling die consultants in de zomer van 2020 aan de Commissie hebben voorgelegd. Deze beoordeling, die slechts gedeeltelijke toegang tot deze registers aanbeveelt, ondermijnd de transparantie over bedrijfs(eigenaars)gegevens. 

Deze verontrustende onthulling over het terugkrabbelen op het gebied van transparantie komt in een week waarin de speciale zitting van de Algemene Vergadering van de VN over corruptie in haar politieke verklaring een grotere transparantie van de uiteindelijke eigendom van bedrijven heeft aanbevolen, en 30 regeringen over de hele wereld toezeggingen doen over open bedrijfsgegevens in het kader van hun Open Government Partnership Action Plans.

De effectenbeoordelingsstudie, opgesteld door o.a. Deloitte, analyseert een lijst van hoogwaardige datasets die door de lidstaten beschikbaar moet worden gesteld in het kader van de “PSI Open Data Richtlijn”. Deze analyse weegt in wezen een reeks kwantificeerbare economische en sociale voordelen af tegen de kostenoverwegingen van een handvol rijkere landen, en stelt daarom dat er slechts gedeeltelijke toegang tot bedrijfs- en bedrijfseigendomdata moet komen.

Ondanks deze aanbeveling, licht de studie wél de voordelen van openheid over deze bedrijfsgegevens uit. Zo wordt erkent dat volledige openbaarmaking noodzakelijk is voor hergebruikers, het belang van grotere transparantie van overheidsopdrachten, een beter toezicht op de regels inzake financiële criminaliteit, een grotere betrokkenheid van het publiek en een grotere verantwoordingsplicht van de overheid. Daarnaast voorziet de effectbeoordeling geen ernstige problemen met de bescherming van persoonsgegevens als deze gegevens worden opgesteld.

De economische en maatschappelijke meerwaarde hebben wij ook al eerder benadrukt, en is ook de focus van The Open Government Partnership waar Nederland lid van is. Een aantal kwantificeerbare voordelen, onderzocht door Access Info, op een rijtje: zakelijke kansen ter waarde van duizenden miljoenen euro’s (1), Aanzienlijke vermindering van tijd en kosten (op bijvoorbeeld verslaglegging) voor de 24 miljoen kleine en middelgrote ondernemingen in Europa (2), het gemakkelijker maken om witwaspraktijken te ontdekken, dit kost Europol bijna 200 miljard per jaar (3) en afname van corruptie bij overheidsopdrachten, die de EU ongeveer 5 miljard euro per jaar kost (4). Daartegenover staan de kosten van de herstructurering van de registers en de gederfde inkomsten, maar de baten van open bedrijfsgegevens wegen op tegen de kosten.

In het kort: de studie geeft geen sterke basis voor de bezorgdheid over de bescherming van persoonsgegevens en een verklaring voor de berekende kosten- en inkomstencijfers in de effectenbeoordeling is nodig voor de herevaluatie van de “Open Data Richtlijn”. Pas wanneer alle EU-lidstaten dezelfde datasets als open data beschikbaar stellen dan kunnen binnen de gehele Europese Unie toepassingen en analyses gemaakt worden met onder andere data uit Handelsregisters, een onderwerp waar Open State Foundation zich zowel binnen de EU als in Nederland voor inzet.